Gebruikelijk loon

Gebruikelijk loon
In artikel 12a Wet LB 1964 staat geschreven dat een werknemer die arbeid verricht voor een lichaam waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, geacht wordt ten minste een gebruikelijk loon te verdienen. Dit wordt de gebruikelijk loonregeling genoemd. Het gebruikelijk loon voor 2012 is vastgesteld op € 42.000 per jaar (€ 41.000 voor 2011 en 2010). Deze regeling is in het leven geroepen voor de directeur-grootaandeelhouder (DGA), omdat de DGA zijn eigen loon kan vaststellen en in de praktijk bleek dat dit vaak te laag werd vastgesteld. De gebruikelijk loonregeling geldt ook voor de partner van de aanmerkelijk belanghouder.

Waarom een gebruikelijk loonregeling?
Een DGA kan zelf de hoogte van zijn salaris vaststellen als hij voor zijn eigen BV werkt. Hij bezit namelijk (bijna) alle aandelen. De DGA zal zijn salaris daarom zo hoog vaststellen dat hij zo min mogelijk belasting hoeft te betalen.  Als hij meer geld in privé nodig heeft kan hij namelijk ook geld lenen van zijn BV of een dividenduitkering doen.

Sinds de invoering van de Wet IB 2001 is het nut van de gebruikelijk loonregeling afgenomen door de verlaging van het toptarief in de inkomstenbelasting en het afschaffen van de vermogensbelasting. Dit neemt niet weg dat het betalen van een laag loon nog steeds een belastingbesparing kan opleveren. De regeling heeft daarom nog steeds bestaansrecht.

Voor wie geldt de gebruikelijk loonregeling?
De regeling van het gebruikelijk loon geldt voor werknemers die een aanmerkelijk belang hebben in hun werkgever. Er is sprake van een aanmerkelijk belang als iemand (of zijn partner) ten minste 5% van de aandelen in een BV bezit. De gebruikelijk loonregeling geldt ook voor werknemers van een BV die onder de zogeheten terbeschikkingstellingsregeling vallen. De regeling geldt ook voor aandeelhouders in een NV en voor leden van een coöperatie.

Hoe werkt de gebruikelijk loonregeling?
Ongeacht de omvang van de werkzaamheden wordt het gebruikelijk loon standaard vastgesteld op € 42.000. Als de DGA van mening is dat voor de door hem verrichte werkzaamheden een lager loon gebruikelijk is, moet hij dat aannemelijk maken. Als de inspecteur van de belastingdienst vindt dat een hoger loon gebruikelijk is, kan hij dat ook aannemelijk proberen te maken. De bijtelling voor privégebruik van de auto van de zaak telt ook mee voor de beoordeling of sprake is van een gebruikelijk loon. Hetzelfde geldt voor pensioenaanspraken.

Het salaris van de DGA kan in principe niet lager worden vastgesteld dan het salaris van de hoogst verdienende werknemer, tenzij de DGA aannemelijk kan maken dat deze werknemer over zulke uitzonderlijke kwaliteiten beschikt dat deze een hoge salaris dan dat van de directeur rechtvaardigen.
De regeling is niet van toepassing als het gebruikelijk loon lager is dan € 5.000.

Holding, werkmaatschappij en concern
In de praktijk wordt vaak gebruik gemaakt van een holdingstructuur, waarbij alle aandelen in de werkmaatschappij in handen zijn van een holding. Ook situaties met meer dan twee BV’s zijn niet ongebruikelijk. We spreken dan van een concern.

Voor elke BV waarin de DGA direct of indirect aandeelhouders is, moet in principe de gebruikelijk loonregeling worden toegepast. Vaak zal in een dergelijke situatie gebruik gemaakt worden van de zogenoemde doorbetaald loonregeling. De consequentie hiervan is dat de gebruikelijk loonregeling wordt toegepast bij de inhoudingsplichtige voor de loonbelasting (meestal de holding) op alle dienstbetrekkingen gezamenlijk.

Meer informatie
Als u meer wilt weten over gebruikelijk loon kunt u geheel vrijblijvend een mail sturen naar info@belasting123.nl of de website www.belasting123.nl bezoeken.

 

Over de auteur

Of kies uit nieuws categorieën