Eindejaartips 2011



Werkkostenregeling en loonheffing
Naar de huidige stand van zaken in het wetgevingsproces is elke werkgever vanaf 1 januari 2014 nog steeds verplicht voor de loonheffingen de werkkostenregeling toe te passen. Op grond van deze regeling worden de vrijstellingen voor vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers niet meer per werknemer, maar per werkgever beoordeeld.
Op basis van de overgangsregeling kunnen werkgevers jaarlijks tot 2014 kiezen voor het huidige regime van vergoedingen en verstrekkingen. Nu is weer het moment voor het bepalen van de keuze.
Daarnaast is op 7 december 2011 een gewijzigd besluit gepubliceerd over vrije vergoedingen en verstrekkingen. Het besluit is gedateerd 25 november 2011. Het forfait van de werkkostenregeling  gaat in 2013 van 1,4% naar 1,6%. EFK Belastingadviseurs kan u helpen bij de inventarisatie en adviseren of de werkkostenregeling een besparingskans biedt of juist een kostenverhoging is voor uw organisatie.

Herbestedingsreserve en 2012

Per 1 januari 2012 worden in de Algemene Wet inzake Rijksbelasingen (AWR) de ANBI-vereisten opgenomen en aangescherpt. Omdat de woningcorporaties vanaf 2012 in ieder geval niet aan de ANBI status voldoen (zie onderdeel Woningstichting als ANBI tot 2012) en geen herbestedingsreserve kunnen toepassen, is het financieel gunstig deze faciliteit vóór 2012  toe te passen en het eventuele verlies op de projecten na 2012 te nemen.

Aankondiging wijziging van de wetgeving overdrachtsbelasting
In november van dit jaar is door de NOB per brief aan de staatssecretaris onder meer gevraagd naar de mogelijkheden fiscale belemmeringen weg te nemen bij het fuseren van pensioenfondsen. In het kader van het verzamelbesluit 2012 zal de juridische fusiefaciliteit in het uitvoeringsbesluit van de belastingen van rechtsverkeer worden opgenomen. De beslissingen zullen niet meer op grond van het hardheidsclausulebeleid worden genomen.

Arbeidskostenelement en 6% btw
Woningcorporaties hadden tot 1 oktober van dit jaar de tijd gebruik te maken van het lage btw-tarief voor het arbeidskostenelement bij renovatie en herstel van woningen. Voorwaarde was onder andere dat de werkzaamheden voor 1 juli moeten zijn begonnen en voor 1 oktober 2011 zijn afgerond en dat de woning ouder moet zijn dan twee jaar. In het laatste aangiftetijdvak van het jaar is het  goed mogelijk te beoordelen welke projecten daadwerkelijk zijn afgerond voor het einde van de fatale datum en de btw gevolgen kunnen in deze btw aangifte worden meegenomen.

Privégebruik auto en btw
Per 1 juli 2011 is de regeling voor de correctie privégebruik auto gewijzigd. Voor de btw wordt niet meer aangesloten bij de bijtelling voor de inkomsten- en loonbelasting. Het woon-werkverkeer wordt als privégebruik aangemerkt.  Btw is verschuldigd over het werkelijke privégebruik van de auto. U mag voor het privégebruik uitgaan van het forfait van 2,7% van de catalogusprijs (inclusief btw en bpm). Als u een kilometeradministratie hebt bijgehouden en daaruit blijkt dat het forfait tot een te hoge correctie leidt, dan mag u de correctie baseren op de kilometeradministratie. Deze correctie past u toe in het laatste belastingtijdvak van het boekjaar. Houdt u daarbij rekening met het feit dat de regeling 1 juli van dit jaar is ingegaan (voor een half jaar is de correctie dus 1,35%) en dat een woningcorporatie voor een belangrijk deel btw-vrijgestelde prestaties verricht. Als een woningcorporatie voor 30% btw-belaste prestaties verricht, is de correctie voor een half jaar 0,5 * 30% * 1,35% van de catalogusprijs. 

Voor het eerste halfjaar van 2011 moet u ook een correctie voor het privégebruik toepassen, maar hierop is de oude regeling van toepassing. Dat betekent een correctie van 0,5 * 12% * 20% of 25% van de catalogusprijs van de auto. Voor woningcorporaties is ook deze correctie afhankelijk van het percentage belaste prestaties (30% daarvan in het bovengenoemde voorbeeld).

Er zijn echter auto’s die in aanmerking kwamen voor een correctie van 14% in plaats van 20% of 25% van de cataloguswaarde. Deze ongelijke behandeling heeft voor de Belastingdienst geleid tot een verloren procedure en zeer snel ingrijpen van de wetgever. Het hoger beroep in deze zaak loopt nog. Wij adviseren u voor de periode tot 1 juli van dit  jaar op de oude wijze de correctie voor de btw toe te passen en bezwaar aan te tekenen binnen 6 weken na voldoening van de btw op aangifte. Als motivering van dit bezwaar geeft u dan de lopende procedure inzake de ongelijke behandeling aan. Het spreekt voor zich dat u bij EFK Belastingadviseurs terecht met vragen over dit onderwerp. Op de correctie privégebruik voor de inkomsten- en loonbelasting heeft de procedure geen invloed.

Berekening pro rata
Aan het einde van het boekjaar is het bekend wat de verhouding is tussen de belaste omzet en de vrijgestelde omzet. U kunt dan berekenen voor welk percentage u voor 2011 recht hebt op aftrek van btw op de gemengde kosten.

Herziening btw aan het einde van boekjaar van aanschaf
Aan het einde van een boekjaar is het voor ondernemers met btw-vrijgestelde en btw-belaste prestaties noodzakelijk de btw die in aftrek is gebracht te herzien. Het betreft goederen en diensten die gemengd (vrijgesteld en belast) worden gebruikt. Dit gebeurt dan op basis van voor het hele boekjaar geldende gegevens. Stel in april schaft u een computer aan die op basis van de dan bekende gegevens voor 70% voor vrijgestelde en voor 30% voor belaste prestaties wordt gebruikt. U trekt 30% van de btw af in het tijdvak van aankoop. Aan het einde van het jaar blijkt de verhouding 60/40 te zijn. U hebt recht op 10% van de btw op de aankoopprijs en deze vraagt u terug over het laatste belastingtijdvak. De omgekeerde situatie kan zich ook voordoen en dat leidt voor u tot een verplichting tot terugbetaling van 10% van de btw op de aankoopprijs.

Herziening in de herzieningsperiode
Voor roerende zaken waarop wordt afgeschreven of onroerende zaken is het noodzakelijk de btw die bij aankoop geheel of deels in aftrek is gebracht te herzien. Voor roerende zaken is de termijn 4 jaar na het jaar van aankoop en voor onroerende zaken 9 jaar. Herziening kan aan de orde zijn als het gebruik van de roerende of onroerende zaken wijzigt. Stel bij aankoop is de btw op een pand voor 30% in aftrek gebracht in verband met belaste verhuur. In jaar 2 blijkt de belaste verhuur 60% van de ruimte te beslaan. Voor jaar 2 mag u een aanvullende aftrek van btw toepassen. In het omgekeerde geval (jaar 1 60% belast en jaar 2 30% belast) bent u voor jaar 2 btw verschuldigd aan de Belastingdienst. Ook deze herziening dient u in aanmerking te nemen over het laatste belastingtijdvak van het boekjaar. Het spreekt voor zich dat EFK Belastingadviseurs u graag van dienst is bij het vaststellen van uw pro rata en de herziening.

Suppleren bij gebleken onjuistheden
In 2012 worden de regels aangescherpt inzake de informatieplicht van belastingplichtigen die ontdekken dat eerder aangeleverde gegevens over de btw-heffing of privégebruik van een auto van de zaak onjuist of onvolledig zijn. Het niet verstrekken van de informatie kan een vergrijpboete opleveren.

Het gaat daarbij in het bijzonder om de situatie dat een ondernemer pas na het doen van aangifte ontdekt dat de eerder ingediende aangifte onjuist was. Van deze ondernemer wordt op straffe van een vergrijpboete een actieve informatieplicht richting de Belastingdienst verwacht. Het is noodzakelijk om de ontdekte onjuistheden in een afzonderlijke suppletieaangifte te melden. Gaat u ook voor 2011 en eerdere jaren na of er nog bedragen moeten worden betaald of teruggevraagd en meld dit in een afzonderlijk bescheid aan de Belastingdienst. Hiermee verkleint u de kans op boetes en grote bedragen aan heffingsrente.

Colofon

Ed Schwering is als adviseur werkzaam bij EFK Belastingadviseurs, kantoor Alkmaar. Voor meer informatie: info@efkbelastingadviseurs.nl, telefoon 072 53 50 525.

 

Laat je mening horen!

Laat een reactie achter.
mocht je een afbeelding wensen bij je reactie, klik dan hier gravatar!

Of kies uit nieuws categorieën