De nieuwe vakantiewetgeving 2012



De nieuwe vakantiewetgeving
Vanaf 1 januari 2012 geldt de nieuwe vakantiewetgeving. Dat betekent dat de niet genoten wettelijke vakantiedagen een half jaar na het jaar waarin ze zijn opgebouwd zullen gaan vervallen. Voor zieke werknemers betekent de nieuwe wet dat zij in het vervolg recht hebben op volledige opbouw van vakantiedagen. Het is, vooruitlopend op deze wijzigingen, zaak om de verlofadministratie goed op orde te hebben.

De vervaltermijn van zes maanden
Het te lang uitstellen van vakantie kan de gezondheid en veiligheid van werknemers in gevaar brengen. Het kabinet wil daarom werknemers stimuleren om regelmatig vakantie op te nemen en niet jarenlang dagen op te sparen. Onder de huidige wet vervallen vakantiedagen zelden. Opgebouwde dagen verjaren pas na vijf jaar en de oudste dagen worden als eerste opgenomen.
Vanaf 1 januari 2012 zullen de wettelijke vakantiedagen een half jaar na het jaar waarin ze zijn opgebouwd vervallen. De wettelijke vakantiedagen die worden opgebouwd in 2012, zullen dus al op 1 juli 2013 vervallen.

Wettelijke- en bovenwettelijke vakantiedagen
In de nieuwe wet wordt onderscheid gemaakt tussen wettelijke- en bovenwettelijke vakantiedagen. Wettelijke vakantiedagen zijn de vakantiedagen die de wet voorschrijft; vier weken per jaar. Bovenwettelijke vakantiedagen zijn die vakantiedagen die de werknemer extra heeft bovenop zijn wettelijke vakantiedagen.

De regels voor de wettelijke vakantiedagen zijn streng en strikt. De regels voor bovenwettelijke vakantiedagen zijn minder streng, partijen mogen daarover afwijkende afspraken maken.

Een werkgever mag bijvoorbeeld afspreken dat niet genoten bovenwettelijke vakantiedagen aan het einde van het jaar worden uitbetaald of werknemers de vrijheid geven om hun bovenwettelijke vakantiedagen te laten uitbetalen. Als partijen geen afwijkende afspraken hebben gemaakt over de bovenwettelijke vakantiedagen, dan worden ze onder de huidige wetgeving gelijk behandeld als de wettelijke vakantiedagen. Ook daar komt met de neiuwe wetgeving verandering in.

De vervaltermijn van zes maanden geldt alleen voor de wettelijke vakantiedagen. Voor de bovenwettelijke vakantiedagen blijft – tenzij andere afspraken zijn gemaakt – de verjaringstermijn van vijf jaar gelden.

Twee uitzonderingen
Op de nieuwe vervaltermijn van wettelijke vakantiedagen gelden twee uitzonderingen. De eerste betreft de situatie waarin de werknemer redelijkerwijs niet in staat was om vakantie op te nemen. Voor hen geldt de vervaltermijn niet. Wanneer een werknemer ‘redelijkerwijs’ wel of niet in staat was om vakantie op te nemen, zal grotendeels door de rechtspraak moeten worden ingevuld. Duidelijk is al wel dat de werknemer aannemelijk zal moeten maken dat hij niet in staat was om vakantie op te nemen. De minister benadrukt bovendien dat daarvan niet zomaar sprake is. Als blijkt dat een werknemer niet in staat was om vakantie op te nemen, dan geldt de vervaltermijn niet, maar dan geldt voor die dagen de verjaringstermijn van vijf jaar.

De tweede uitzondering is dat de werkgever en de werknemer de vervaltermijn in onderling overleg mogen verlengen. Zij mogen dus onderling afspreken dat de vervaltermijn geen 6, maar bijvoorbeeld 18, 36 of 60 maanden bedraagt.

Zieke werknemers
Zieke werknemers hebben nu alleen recht op vakantiedagenopbouw gedurende de laatste zes maanden van hun ziekte. Vanaf 1 januari 2012 is dat anders. Zolang zieke werknemers recht hebben op loonbetaling, hebben zij ook recht op vakantiedagenopbouw.

Daar staat wel tegenover dat zieke werknemers die vakantie genieten, ook vakantiedagen opmaken. Nu is het vaak onduidelijk of een zieke werknemer wel of geen vakantiedagen opmaakt. In de nieuwe wet wordt juist gestimuleerd om ook tijdens ziekte vakantie te nemen. De werkgever zal de werknemer er straks tijdens zijn ziekte zelfs op moeten wijzen dat hij vakantie kan opnemen en hij zal dit ook in het re-integratieplan moeten opnemen.

De verlofadministratie
Als over vakantiedagen discussie ontstaat en de werkgever heeft zelf geen administratie bijgehouden, dan wordt in principe uitgegaan van de administratie van de werknemer. Voor een werkgever is het dus belangrijk om de vakantiedagen van zijn werknemers nauwkeurig bij te houden. Met de aanstaande wijzigingen in de vakantiewetgeving is het administreren van vakantie – zo mogelijk – nog belangrijker. Als u van een vakantiedag niet weet wanneer die is toegekend, of het gaat om een wettelijke, of om een bovenwettelijke dag en of een dag wellicht redelijkerwijs niet kon worden genoten, dan wordt het een chaos die in de meeste gevallen in het nadeel van de werkgever zal uitvallen.

Dagen tot 1 januari 2012
Allereerst zult u moeten inventariseren welke vakantiedagen onder de huidige wetgeving vallen. Dat zijn die dagen die tot 31 december 2012 zijn – en nog worden – opgebouwd. Per vakantiedag kunt u vervolgens bepalen wanneer die verjaart. Een vakantiedag verjaart vijf jaar na het vakantiejaar waarin hij is opgebouwd. Als u over de bovenwettelijke vakantiedagen afwijkende afspraken heeft gemaakt, dan zult u ook die apart moeten registreren.

Tip!

Het is zeer aan te raden om uw werknemers tegen het einde van 2011 een overzicht te sturen met het aantal vakantiedagen dat zij per 31 december 2011 hebben opgebouwd en van de data waarop die dagen verjaren. Als het overzicht niet klopt, dan is nu nog na te gaan of er iets mis is gegaan, dat wordt na de invoering van de nieuwe wet een stuk lastiger.

Vakantiedagen vanaf 1 januari 2012
De wettelijke dagen, de bovenwettelijke dagen en de dagen die een werknemer redelijkerwijs niet heeft kunnen genieten, zult u vanaf 1 januari 2012 apart moeten administreren. De wettelijke dagen vervallen een half jaar na het jaar waarin zij zijn opgebouwd, de bovenwettelijke dagen en de dagen die de werknemer redelijkerwijs niet heeft kunnen genieten, verjaren in principe vijf jaar na het jaar waarin ze zijn opgebouwd.

Welke dagen worden eerst afgeboekt?
Nu is de regel de vakantiedagen die als eerste zijn opgebouwd, als eerste moeten worden afgeboekt. Door de nieuwe wetgeving kan dat ongunstig voor de werknemer uitpakken. Het is dan ook de verwachting dat een redelijke uitleg van de wet zal betekenen dat in het vervolg zal worden gekeken naar de datum waarop vakantiedagen vervallen/verjaren en dat de dagen die als eerste verloren gaan, als eerste zullen moeten worden afgeboekt. Ook dat zal de werkgever dus goed moeten administreren.

Meer info: contact info@aame.nl

Artikel van Aame Accountants en Belastingadviseurs te Delft.

Reacties

1 reactie to “De nieuwe vakantiewetgeving 2012”
  1. Els says:

    Ik heb bij deze een vraag , Ik heb nog 30 uur vakantie te goed van 2013 , maar deze kan/mag ik niet opnemen , omdat ik deze te laat heb opgevraagd maar wel voor 1 juli 2014 . Even een toelichting , het gaar erom dat ik in November / December 2013 niet heb doorgegeven wanneer ik vakantie wilde . Daar ik ook afhankelijk ben van wanneer mijn man vrij kan krijgen . Maar ook omdat er gezegd is geworden dat het niet zeker is of ik in Maart 2014 nog kan blijven . Nu kan ik langer blijven (gelukkig ) maar nu zit ik wel met die opgebouwde vakantie uren , die ik niet mag/ kan opnemen , en die nu gaan vervallen . Ik heb wel in Mei 2014 gevraagd of ik alsnog vakantie kan krijgen , maar dat ging niet omdat we te weinig mensen hebben , en dat de vakantie van mijn collega al verwerkt waren .Ik weet niet wat de regels zijn , betekend het nu dat ik dit jaar GEEN vakantie krijg , en dat de opgebouwde uren vervallen , en ook niet worden uitbetaald ??? Ps ben begonnen met werken in April 2013 …. MVG Els . In afwachting op u atwoord

Laat je mening horen!

Laat een reactie achter.
mocht je een afbeelding wensen bij je reactie, klik dan hier gravatar!

Of kies uit nieuws categorieën