De landbouwvrijstelling: van akkerbouw naar glastuinbouw



Voordelen uit een landbouwbedrijf die het gevolg zijn van waardeverandering van de grond inclusief de ondergrond van gebouwen – behoren niet tot de winst uit onderneming. Vereist is dan wel dat die waardeverandering toegerekend kan worden aan de ‘ontwikkeling van de waarde in het economisch verkeer bij voortzetting van de aanwending van de grond in het kader van een landbouwbedrijf’. Beslissend is hier de WEVAB, de waarde in het economisch verkeer bij agrarische bestemming. Is de waardeverandering het gevolg van een bestemmingswijziging, bijvoorbeeld van landbouwgrond naar bedrijfsterrein, dan valt die niet onder de landbouwvrijstelling. Bij verkoop van akkerbouwgrond om op die grond een glastuinbouwbedrijf te starten is sprake van voortgezette  aanwending van de grond binnen een landbouwbedrijf. De vrijstelling is wél van toepassing, zo heeft Rechtbank Noord-Holland recent beslist.

Akkerbouwer Ron de Knikker had het eeuwigdurend recht van erfpacht van een perceel land bouwgrond. In november 2005 verkocht hij dat erfpachtrecht op een gedeelte van zijn grond aan een projectontwikkelaar. Bij die verkoop – de levering vond plaats in februari 2007 – behaalde De Knikker een voordeel van ruim € 900.000. De projectontwikkelaar kocht de grond voor de ontwikkeling van een glastuinbouwgebied. De Knikker claimde de landbouwvrijstelling voor de boekwinst van € 900.000, maar de inspecteur ging daar niet in mee. Hij stelde dat de winst belast was, omdat de waardeverandering van de grond een gevolg was van een bestemmingswijziging.

Rechtbank Noord-Holland verleende de landbouwvrijstelling wél. De rechtbank stelde vast dat een glastuinbouwbedrijf ook een landbouwbedrijf is in de zin van de wet. De koper, projectontwikkelaar BV X, had de grond sinds de koop –eind 2005 – uitsluitend gebruikt in het kader van een landbouwbedrijf omdat hij uitsluitend bewerkingen van de grond had uitgevoerd om die grond geschikt te maken voor glastuinbouw. De grond had planologisch steeds een
agrarische bestemming gehad en was ook steeds feitelijk als agrarische grond in gebruik geweest. Voor de WEVAB, de waarde in het economisch verkeer bij – voortgezette – agrarische bestemming, sloot de rechtbank aan bij de waarde van grond met bestemming glastuinbouw. Dat had tot gevolg dat het volledige verschil tussen de opbrengt en de boekwaarde van de grond bij verkoop – de € 900.000 boekwinst – toegerekend kon worden aan de ontwikkeling van de WEVAB. De boekwinst was volledig vrijgesteld.

Commentaar
Als landbouwgrond een andere bestemming krijgt en de grond daardoor meer waard wordt, valt die meerwaarde niet onder de landbouwvrijstelling. Bestemmingswijzigingswinst is niet vrijgesteld. In de berechte zaak was geen sprake van een bestemmingswijziging: akkerbouw en glastuinbouw zijn beide landbouwbedrijven die de landbouwvrijstelling kunnen benutten. Door de omschakeling van akkerbouw naar glastuinbouw wordt de grond (per m²) wel meer.

Bron: belastingbelangen.nl 

Laat je mening horen!

Laat een reactie achter.
mocht je een afbeelding wensen bij je reactie, klik dan hier gravatar!

Of kies uit nieuws categorieën